Nationaliteitje raden


‘Zouden ze Nederlands zijn?’
‘Hm. Ik denk dat het fransen zijn. Ze lachen als fransen.’
‘He? Lachen fransen anders dan?’
‘Ja! Echt hoor.’
‘Misschien zijn het wel Belgen.’
‘Kan ook. Maar wel franse Belgen.’
‘Dat denk ik ook. Ze zien er niet echt Vlaams uit.’
‘Zullen we er langs lopen?’
‘Ja, dan kunnen we horen wat ze zeggen.’
‘Ga jij voor?’
‘Nee, ga jij maar voor.’

Annelie en ik schoven onze stoel naar achter en liepen in de richting van de twee jongens. Met onze lippen stijf gesloten en onze oren geopend uiteraard. Extra langzaam liepen we langs de twee jongens. We luisterden, maar de jongens hielden ook hun mond. Annelie en ik plantten ons neer op een muurtje buiten gehoorsafstand van de jongens, voor het geval ze toch stiekem Vlaams waren.

‘Ze zeiden niets.’
‘Nee, potverdorie.’
‘Denk je dat ze naar ons luisterden?’
‘Nee, want ze zijn toch Frans?’
‘Misschien ook niet.’
‘Die ene lijkt op iemand.’
‘Welke?’
‘Die met dat lange haar.’
‘Op wie lijkt ie dan?’
‘Op Sander.’
‘Sander? Welke Sander?’
‘Die zat bij mij in het jaar.’
‘Hij lijkt ook wel op Matthijs Van Sande Bakhuyzen. Hihi, die kwam mijn nichtje ooit eens tegen tijdens het uitgaan. Knetterstonded.’
‘Echt? Haha! Hij lijkt er inderdaad wel een beetje op.’
‘Hij is alleen niet knetterstonded volgens mij.’

We hielden onze mond. De twee jongens kwamen op ons afgelopen. Nou ja, achteraf toch niet op ons. We keken elkaar aan en hielden onze mond. En dat deden de jongens ook. Het was een ietwat frustrerende situatie. Waarom konden de jongens ons niet gewoon vertellen waar ze vandaag kwamen? Twee lange, blonde meisjes, die kunnen niet anders dan uit Nederland komen. En wat spreek je tegen Nederlanders als je hun taal niet spreekt? Juist. Engels.

Het feest begon te vervelen, en de discussie over waar de jongens vandaan kwamen ook. We liepen naar de tent, om chips en drinken te kapen. Onderweg stond Julia daar. Met de jongens.
‘Hai!’
‘Hoi!’
‘Kennen jullie deze jongens al?’
‘Nee! Hallo!’
‘Dit is Jens, en dit is Siel. Ik ga even naar de tent, zie ik jullie vanavond nog?’
‘Is prima! Tot zo!’

Onze wegen scheidden. We groeten de jongens. Ze groetten terug. Met ‘salut’.
‘Zijn ze nou Frans, Waals of Vlaams?’ Annelie en ik keken elkaar nog eens lachend aan. Ooit zouden we daar vast achter komen. Waarschijnlijk diezelfde avond nog. Al zette onze speculatie nog even voort.

Advertenties

5 Reacties op “Nationaliteitje raden

  1. Als ze hallo zeiden waren het inderdaad Walen of Fransen, maar als ze ‘Salut’ zeiden zoals doei, waren het Vlamingen :p Wij zeggen salut als we weggaan (:

    Like

Reacties zijn gesloten.