Zonlicht, ventilatoren en Sean Paul.


Terwijl ik naar de grijze lucht boven de huizen tegenover mij staarde nam ik het besluit. Het was herfst, toen winter, wat vrij logisch is. Maar moeder natuur heeft een leuke grap uitgehaald en besloten dat het gewoon weer herfst wordt. Mijn winterdip wordt er niet veel beter op. De lucht boven de huizen waar ik al de hele ochtend naar had gestaard werd er niet blauwer op, hoe aardig of onaardig ik het ook vroeg. Verdrietig keek ik naar de foto’s van de afgelopen vakanties waar de zon wel degelijk aanwezig was. Ik trok het niet meer. En ineens had ik het. De zonnebank. De enige manier om, als je geen geld hebt aan je vitamine B te komen.

Het duurde slechts drie minuten voordat ik op de fiets zat naar winkelcentrum Overvecht. En op één of andere bijzondere wijze vond ik de zonnestudio ook vrij snel. Sterker nog, ik fietste er tegenaan. Een beetje bangig liep ik naar binnen. Het was precies zoals ik verwacht had: er stond een burgerlijke tafel die ik bij de ouders van gemiddelde klasgenootjes vond. Ook een luxe koffiemachine was aanwezig, waar waarschijnlijk alleen maar cappuccino uitgehaald werd omdat dat natuurlijk veel chiquer is dan een ontzettend sterke bak zwarte koffie. De dames achter de balie, achterin de veertig, zonnebankhuid hadden een zwaar Utregs accent. Ze stonden te praten met een oude bekende, die eveneens een zwaar Utregs accent had. De dame met het korte haar ging vanavond aan ‘haar Evert’ vertellen dat ze de elkaar weer hadden gezien, want dat was al zo lang geleden. Ze liep naar haar plek achter de balie terug. “Hallo!” Ik groette haar vriendelijk terug. “Hoe kan ik je helpen?” Ik vertelde dat ik graag onder de zonnebank wilde, daar kwam ik tenslotte voor naar een zonnestudio. “Ben je al wel eens eerder geweest?” (Vergeet het Utregse accent er niet bij te denken.) “Nee.” Antwoordde ik beleefd. “Nou, je kunt een pas krijgen, dat is heel handig voor mij en mijn collega’s, dan weten we hoe je altijd zont.” Er kwam een heel verhaal over de pas. “Je bent geen student meer?” Ik wist dat ik eruit zag als een gedeprimeerd lijk toen ik vertrok, ik heb al meer dan een jaar geen échte zon meer gezien, maar zo oud zag ik er toch niet uit? “Jawel.” Ze keek me verbaasd aan. “Dan krijg je 20 procent korting.” Braafjes liet ik mijn OV-knipchaart zien.

“Vantevoren moet je je wel even insmeren met lotion. Om huidveroudering tegen te gaan.” Ik keek de mevrouw aan. Blijkbaar had zij het nooit gebruikt. Haar huid zag er uit als een stuk oud perkament. “Maar eerst gaan we even een huidanalyse doen om te kijken onder welke zonnebank je moet. Leg je arm maar daarop.” Ze wees op een raar dingetje op de toonbank. “Verbrand je snel?” “Soms.” “Wat is je natuurlijke haarkleur?” “Blond.” “Welke kleur zijn je ogen?” “Eh… Kunt u even kijken?” “Grijs-blauw. Krijg je snel sproeten?” “Mwah.” “Wanneer heb je voor het laatste gezond?” Ik dacht even diep na. “Eh… Dat moet anderhalf jaar geleden zijn.” Ik voelde me net een vampier toen ik dat zei. Al zo lang geen zon gezien omdat ik deze zomer had besloten in ons kikkerlandje te blijven. Sukkel. “Oké! Je hebt een blanke huid. Maar dat dacht ik al.” Zei de mevrouw achter de balie. Ik fronste mijn wenkbrauwen. Dat had ik d’r ook wel kunnen vertellen. Ze printte een schema voor me uit wanneer ik het beste onder de zonnebank kon gaan en welke. “Wil je gelijk zonnen?” Ik knikte en ze gaf me een rondleiding door het kleine pandje en legde me uit hoe de zonnebank werkte. Ze liet zien welke knopjes waarvoor dienden. “Dit is voor de ventilatie, dit voor de gezichtsbruiner, die is echt alleen voor je gezicht. En zo kun je andere muziek aanzetten.” Gezien het feit dat Sean Paul uit de speakers klonk wist ik dat ik er dankbaar gebruik van zou maken. “En dit is een scrubdoekje, dit is voor op je ogen, dit is een opfrisdoekje en dit is aftersun.” Wat het allemaal inhield wist ik niet, maar het was allemaal vast heel goed voor je lichaam enzo. “Moet ik er vantevoren nog iets opsmeren?” vroeg ik. Ze nam me mee terug naar de balie. “Dit is het beste.” Ik kocht het zakje met het spul wat ze me aanprees en ging terug naar de cabine, zoals ze dat noemen. Klaar voor de zonnebank smeerde ik me in met het spul. Het zag er meer uit als foundation dan als antizonnebrand. Ik las de verpakking. ‘Zelfbruinende lotion. Beschemt niet tegen de zon!’ stond erop. Mijn gezicht betrok. Hier zou ik dus ook al bruin van worden. Ik besloot toch maar te gaan zonnen. Dan maar extra bruin. In de hoop dat ik er niet zebragestreept onder vandaan kwam.

Advertenties