Vijftig minuten van roem.


Het was allemaal de schuld van Maarten van Rossem. Zijn schuld. Dankzij hem heb ik mijn tweede televisiemoment van 2011, of eigenlijk in mijn hele leven mogen meemaken. Maar of ik blij was met deze vijftig minuten van roem weet ik niet. Print is het helemaal, weet je.

Even terug naar het begin. Het begon namelijk zoals mijn leven zich al een paar weken voltrekt. Strakke planning, haastige spoed, zelden goed, zo bleek donderdag. Maarten van Rossem zou een gastcollege geven op de School voor Journalistiek. Na ons laatste college begaven we ons dus naar het college van Maarten. Half vier tot half vijf. Dan zouden we precies twee uur hebben om te eten en ons vanaf de Uithof naar het Westergasterrein te begeven. Prima. Maar Van Rossem claimde meer tijd. Tot kwart over vijf welteverstaan. Ja. En toen moesten we nog naar de studio van De Wereld Draait Door.

Op zich leek dit mij niet zo’n ontzettend probleem. Fastfoodje, trein, bus, zeven uur moesten we wel redden, en om half acht gaan ze live, dus het probleem zag ik niet. De Vara wel. Een grote bewaker hield de deur voor ons open. We moesten onze toegangsbewijzen laten zien. De helft van ons was die uiteraard vergeten of had ‘m zelfs niet gekregen. Een opgefokt Vara-vrouwtje streste ons naar binnen. Merel, Dion en ik liepen achteraan. ‘Ga maar boven zitten.’ Zei het opgefokte Vara-vrouwtje. ‘Jullie zijn te laat, veel te laat!’ Ik dacht dat ze ter plekke een hartaanval zou krijgen van de stress. We liepen naar boven. Haastig kwam het vrouwtje achter ons aangerend. ‘Nee, nee, ik heb nog drie plaatsen beneden, jullie moeten beneden zitten.’ We liepen het opgefokte Vara-vrouwtje maar weer achterna. ‘Hier kunnen jullie gaan zitten.’ Ik stopte even met lopen en keek het vrouwtje wat verbouwereerd aan. Ze gebaarde dat ik moest gaan zitten. De plek die ze ons had gegeven was naast de gasten. Ik zat naast Carice van Houten, dé Carice van Houten. Daarnaast Jort Kelder. Felix Rottenberg. Alsof ik erbij hoorde. Dat was het enge niet. Ik bedoel, Carice, Jort en Felix zijn gewoon mensen. Nee. Ik zou constant in beeld zijn. Vijftig minuten lang. Non stop. Publieke omroep. Anderhalf miljoen kijkers. Bam.

Dit was niet de bedoeling. Print is het helemaal, weet je. Ik dacht even aan een artikel dat ik ooit in een vrouwenblaadje had gelezen. Eén van de redactrices had geprobeerd vijftien seconden op televisie te komen. Hier zat ik dan. Vijftig minuten. Gratis en voor niets. Onwillekeurig. De volgende stap in mijn reis naar BN’erschap. Bedankt, Maarten.

Advertenties

6 Reacties op “Vijftig minuten van roem.

  1. Haha ik ken dat vrouwtje, dat is haar neutrale gemoedstoestand… wij moesten ‘voor straf’ aan de bar zitten toen… dat was helemaal niet gek, om de show vanuit het perspectief van de regisseur (die ouwe grijze, Tommy) te beschouwen. Hoe was van Rossem?

    Like

  2. Print is het inderdaad he-le-maal.
    Laatst met mijn gezicht in het tijdschrift waarvoor ik schrijf gestaan, had ik ook liever niet gedaan. Dus eigenlijk is print het dan ook weer niet helemaal.

    Like

  3. Mijn klas is ook naar DWDD geweest, twee waren ook constant in beeld. Maar wel leuk dat je naast Carice zat. Papier is wel beter inderdaad.

    Like

  4. Ik wilde even zeggen dat ik je stijl van schrijven he-le-maal leuk vind! En die vijtig minuten Fame.. Te grappig!

    Like

Reacties zijn gesloten.