Ode aan Facebook.


Op Twitter na is het toch wel mijn favoriete medium. Een perfecte vulling voor in de tentamenweek, tijdens treinreisjes en voor de tijd die ik vroeger bestede aan Hyves. Facebook. Het nieuwe Hyves, maar dan veel beter. En natuurlijk minder breezer, minder kinderachtig. Hyves is volwassen geworden in de gedaante van Facebook.

Want ja, dat ‘Respect’ hangt je op een gegeven moment toch wel de keel uit. Toen ik in 2005 mijn Hyves aanmaakte was het briljant, maar toen was ik ook nog maar 14, was het net nieuw en Imonline deed slechts één ander vriendinnetje. We vonden CU2 namelijk stom. Dus we begonnen samen aan Hyves. Jarenlang, in breezertaal, we stuurden berichtjes, respecteerden en deden wedstrijdjes wie de meeste vriendjes had. En toen kwam Facebook. Het heeft even geduurd voordat ik me daadwerkelijk thuis voelde in de wereld die Mark Zuckerberg voor ons heeft gecreëerd. Mijn spellingscheck accepteert Facebook overigens nog steeds niet, er hangen mooie rode kringeltjes onder het woord. Maar ik heb mezelf ingewijd. In de wondere wereld van Facebook.

Al een tijdje hoor. Ik ben geen groentje meer. Althans, er zijn nog velen die zich na mij hebben aangemeld. En ik heb vriendjes, heel veel vriendjes. Ik verzamel ze onderweg. In de kroeg, op een borrel, een evenement, een college, in een leuke conversatie op het profiel van een gezamenlijke vriend, een willekeurig persoon op straat. Of nee, dat heb ik nog nooit gedaan. Dat zou overigens best een leuk idee zijn. Wie weet wat voor mooie dingen daaruit ontstaan. Hartstikke leuk. Maar ik heb iets ontdekt. Iets briljants. De ‘Important persons’-functie. Jawel. De befaamde lijst met belangrijke personen.

Dat begon natuurlijk met mijn eigen grote zus. En mijn zwager in spé. Die mochten mijn broer en zus worden. Een uit de hand gelopen grap bepaalde dat ook Rutger en ik broer en zus zouden worden. Daarna trouwde ik met Jeroen, een waar Facebookhuwelijk. Hilarisch hoe mensen die je regelmatig spreekt ineens verbaasd vragen of je ‘een vriendje’ hebt. Jep. Een Facebook-vriendje. Dat Facebook, we houden elkaar in de gaten. Na een avondje kroegen werd ook Thijl mijn broertje. Het is natuurlijk een beetje raar dat Thijl en ik wel broer en zus zijn, en Rutger en ik ook, maar Rutger en Thijl dan weer geen broertjes zijn. Deert niet, dat snapt Facebook niet. Ondertussen is ook Mariska mijn zusje geworden. Maar wij kennen elkaar sinds we vier zijn, dus we zijn soort van samen opgegroeid en hebben dus wel een heel sterke zusterband enzo. Ook Jasmijn wilde mijn zusje worden, en Jens mijn broertje. Als laatste natuurlijk nog mijn biologische broertje, mijn enige oom en tante op Facebook en mijn échte neefjes en nichtjes. En eigenlijk wil ik samen met Jeroen ook nog een zoon of dochter aannemen, maar Jeroen is er nog niet helemaal over uit of hij kinderen wil. Dan zou de familie compleet zijn.

Ik vind het briljant. Het begint al bijna als een echte familie te voelen. Zo dichtbij, zo intiem. Slechts een beeldscherm van elkaar verwijderd. Iedereen is zo dichtbij. We kunnen elkaar bijna voelen. We weten wat er speelt, we weten wie verdriet heeft en blij is. We kunnen elkaar altijd bereiken zonder een belachelijk hoge telefoonrekening. Het is beschermder dan Twitter, of althans, dat beelden we ons in. We zijn één grote familie die constant op familieweekend is. Online. Ja. Facebook wordt mijn tweede leven. Ik heb niets anders meer nodig.

Advertenties