Een integer en indrukwekkend portret van Kurt Cobain


Culticonen zijn altijd een dankbaar onderwerp van films en boeken. Vooral als er een zweem van mysterie omheen hangt. Ook over Kurt Cobain zijn talloze documentaires gemaakt en boeken geschreven. 21 jaar na zijn dood komt regisseur Brett Morgen met een integer, veelzijdig beeld over de Nirvana-frontman. Maar bovenal: een beeld waar alle partijen toestemming voor hebben gegeven.

Weduwe Courtney Love is namelijk niet de makkelijkste als het gaat om documentaires over haar overleden echtgenoot. Maar Brett Morgen krijgt zonder moeite de sleutel van Cobain’s archief. “Ik denk dat het komt door mijn eerdere werk,” zegt Morgen in een interview. Ook de medewerking van Cobain’s dochter Frances Bean Cobain kent zijn voordelen. “Als Frances meewerkt, dan moet het wel een goede film zijn, dacht iedereen,” vervolgt Morgen. “Courtney gaf me de sleutel van het archief en zei dat ze het pas hoefde te zien als het af was.”

In Kurt’s hoofd

Ook de rest van de mensen die we in de documentaire zien, stonden dichtbij Cobain. “Ik wilde de mensen spreken die ook op zijn begrafenis zouden zijn als hij niet beroemd zou zijn,” vervolgt Morgen. Door juist deze specifieke en weinige mensen te spreken, krijgt de kijker meteen het idee dat deze docu met de beste intenties is gemaakt. Geen complottheorieen, geen beschuldigingen, simpelweg een zo objectief mogelijk beeld van de cultheld.

De naam komt van een cassettebandje dat Morgen vond in het archief van Cobain. Een mixtape met muziek van The Beatles, fragmenten uit (horror)films en stukjes tekst van Cobain zelf. “Het was voor het eerst alsof ik in Kurt’s brein kon kijken,” zegt Morgen daarover. Op de mixtape stond ‘Montage of Heck’. Door middel van het archief, probeert Morgen een objectief beeld neer te zetten.

Privéarchief

In Montage of Heck wordt de kijker door middel van dagboekfragmenten, anekdotes van de dichtbij staande mensen, de kunst van Cobain, archiefbeelden en foto’s en film uit het privéarchief van Cobain door de 27 jaar van Cobain’s leven geleid. Zijn moeilijke jeugd in Aberdeen waar hij van gezin naar gezin verhuisde, zijn rebellie, zijn vroege depressies en natuurlijk zijn kennismaking met punk. Muzikaal was hij altijd al, maar pas tijdens zijn kennismaking met punk begint het balletje te rollen.

Zijn jeugd wordt voornamelijk in beeld gebracht door de beelden uit het privéarchief. Maar de momenten waarop Kurt alleen was of ongein uithaalde met zijn vrienden, staan natuurlijk niet op beeld. Tekenaar Hisko Hulsing verbeeldt die momenten in een prachtig geanimeerde tekenfilm. Hulsing heeft deze momenten vertaald naar een tekenfilm die absoluut niet afdoet aan het niveau van de film.

Kritiek op de media

De totstandkoming en het reilen en zeilen van Nirvana wordt verteld door bassist Krist Novoselic en geillustreerd met mediafragmenten. Zowel gefilmde interviews als interviews op papier, optredens en dagboekfragmenten komen voorbij. Het laat zien hoe Cobain en de band met de media en fans omgingen. Vooral de vele kritiek die de band geeft op (muziek)journalisten, geeft aan dat het ze allemaal niet zoveel uitmaakte. Ze wilden geen stem van een generatie zijn. Het ging ze om muziek maken.

Het laatste deel van de film draait natuurlijk om de liefde tussen Cobain en Courtney Love, zijn vrouw en de moeder van zijn dochter Frances. Intieme beelden uit het privéarchief van Love worden tussen de interviews door gemonteerd. De liefde tussen de twee spat van het beeld, ze zijn stapelverliefd op elkaar. Maar de liefde kent een keerzijde: de drugsverslaving van de twee en alle ellende die het met zich meebrengt. Het is een duistere kant die op integere wijze in beeld wordt gebracht. Integer maar confronterend. De zelfmedicatie van Cobain wordt hem uiteindelijk fataal.

Nachtmerries

Tussen de verschillende hoofdstukken door wordt de kijker getrakteerd op verschillende kunstwerken van Cobain, die tot leven zijn gewekt in de stijl van The Wall. Omlijst door soundscapes op basis van Nirvana’s muziek, zijn het bijna nachtmerries waar de kijker naar kijkt. Het geeft een bijzondere inkijk hoe het in Cobain’s brein aantoe moet zijn gegaan. De chaos, de depressie. Het maakt het geen gemakkelijke film om naar te kijken, maar het illustreert wel perfect hoe intens Cobain’s leven moet zijn geweest.

Na twee uur en een kwartier, staat er een integer en indrukwekkend portret van de zanger. Een heftige documentaire die de zaal in stilte achterlaat. Geschikt voor het grote publiek is deze documentaire niet. Popcultuurfilantropen en arthousefilmliefhebbers zullen hun vingers aflikken. De soundscapes en Kurt’s tot leven gewekte kunst maken de film geen makkelijke film om naar te kijken, en ook de lengte van de docu vergt daadwerkelijk interesse in één van deze twee aspecten. De documentaire is intens, zowel qua geluid, qua beeld als qua verhaal. Bovenal laat de film zien dat Cobain niet perfect was. Wie Kurt heeft geidealiseerd in zijn of haar hoofd en dat zo wil houden, kan de film beter niet kijken. Dit is namelijk één van de meest oprechte portretten van Cobain ooit. En dat is niet altijd even leuk om te zien.

Advertenties