Donderdagdeuntjes: Ibrahim Maalouf, PAUW, Walter Trout


Iedere donderdag bespreek ik in Donderdagdeuntjes drie fijne albums die ik heb gehoord. Kort maar krachtig. Of niet zo krachtig. Maar in ieder geval áltijd platen die ik met plezier heb beluisterd in de afgelopen week. Vandaag in Donderdagdeuntjes: Ibrahim Maalouf, PAUW en Walter Trout.

Ibrahim Maalouf – Red & Black Light

1500x1500sr
Frans-Libanese trompettist, componist en arrangeur Ibrahim Maalouf volgde in eerste instantie een studie exacte wetenschappen, maar zijn trompetleraar overtuigt hem ervan om een carriere als professioneel trompettist na te jagen. Daar mogen we de trompetdocent wel flink dankbaar voor zijn. Hij volgt de opleiding tot klassiek trompettist, maar ontwikkelt zich als jazztrompettist. Het meest gehoorde commentaar op jazz is in mijn omgeving dat het maar zenuwachtig en rommelig klinkt. Maalouf weet dat met Red & Black Light best aardig te omzeilen. Hoewel zijn stukken nog steeds snel gaan, pompeus zijn en veel uitstapjes maken, ligt het album redelijk makkelijk in het gehoor. Maalouf combineert jazz met Arabische muziek, en dat levert een heel interessant album op. Echte jazz, maar met zijn uitstapjes.

PAUW – Macrocosm Microcosm

9200000047955424
Nederland maakt langzamerhand weer kennis met steeds meer psychedelische rockbands van eigen bodem. Het genre maakt een flinke come back. Na onder andere Jacco Gardner, hebben we afgelopen jaar kennis kunnen maken met PAUW. De band was de meest geboekte act ooit op de Popronde, en waarom is niet zo raar. Vorige week bracht de kersverse band het eerste album uit, Marcocosm Microcosm. Het is ongeveer net zo psychedelisch als het klinkt. De zoete stem van Brian Pots wordt gedragen door soms rustige en soms harde gitaren, altijd psychedelische toetsen, innovatieve baslijnen en een strakke drumpartij. De jongens uit Twente zetten een prima debuut neer. Dat mag ook komende zomer wel weer op festivals. En dan graag op wat grotere podia.

Walter Trout – Battle Scars

waltertrout-cover
Nog iemand die in eerste instantie wat anders deed dan waar hij uiteindelijk eindigde. Walter Trout speelt tot zijn twaalfde een aardig partijtje trompet, maar als hij een gitaar krijgt, verdwijnt zijn interesse voor de trompet al vrij vlot. Toch speelt hij niet meteen gitaar: op de middelbare school speelt hij de mondharmonica in een band waarvan we de zanger en gitarist jaren later nog steeds kennen: Bruce Springsteen. Op zijn zestiende verhuist Trout naar New Jersey, waar hij als gitarist aan de slag kan. De rest is geschiedenis. Inmiddels brengt Trout zijn vijfde album als solo-artiest uit, de rest van de albums waar hij op speelt is zo goed als ontelbaar. Een heerlijk stevig bluesrockalbum. Een beetje dramatisch, flink wat gitaren en heerlijk Amerikaans. Niet onbelangrijk zijn de ingenieuze baslijnen op het album en de fijne drumpartijen. Alles klopt. Maar dat was ook niet anders te verwachten.

Advertenties